Ontwikkelingsfasen

Vanuit dit D.I.R.-model zijn er zes verschillende ontwikkelingsniveaus (fasen) beschreven die kinderen tussen de nul en vier jaar doorlopen:

Fase 1: Rustig, oplettend en geïnteresseerd raken
Fase 2: Gehecht raken
Fase 3: Wederzijds communiceren
Fase 4: Problemen oplossen en zelfbewustzijn ontwikkelen
Fase 5: Een wereld van ideeën ontdekken
Fase 6: Bruggen bouwen tussen ideeën

Deze zes typen emotionele interacties vormen de ontwikkelingsfasen, waarbij elke fase een belangrijk keerpunt in het leven van een kind markeert. Emotionele ervaringen die goed aansluiten op elk van deze fasen, bevorderen de ontwikkeling van cognitieve, sociale, emotionele, taal- en motorische vaardigheden die van belang zijn voor de ontwikkeling op die leeftijd (Greenspan, 1992).

Daar waar de ontwikkeling van het kind en/of de ouder(s)/verzorger(s) niet zonder problemen verloopt, is extra aandacht noodzakelijk. Door het tijdig signaleren van deze problematiek is het mogelijk om een behandelplan op te zetten, zodat het kind op latere leeftijd minder problemen zal ondervinden (Greenspan & Wieder, 1998). Om dit te verwezenlijken, moet het niveau van de sociaal-emotionele ontwikkeling vroegtijdig kunnen worden vastgesteld.